NATUUR- EN VOGELWERKGROEP --"DE GRUTTO"
  • Home
  • Werkgroepen
    • Weidevogel bescherming
    • Aktiviteiten >
      • Landschapsonderhoud
      • Excursie verslagen
      • Ringaktiviteiten
      • Waarnemingen
    • Uilen
    • Zwaluwen
    • Nestkasten
  • Foto 's
    • Recente foto's
    • Natuurkalender
    • Amfibieën en reptielen
    • Flora
    • Juffers en libellen
    • Landschappen
    • Paddenstoelen
    • Vlinders
    • Vogels
    • Zoogdieren
    • Aruba
  • Jeugd
    • Scholenproject Red de vlinder en de bij 2020
    • Scholenproject Red de vlinder en de bij 2019
    • Scholenproject Red de vlinder en de bij 2018
    • Scholenproject Red de vlinder en de Bij 2017
    • Scholenproject Red de vlinder en de bij 2016
    • Jeugdnatuurgroep
    • Voorlichting en educatie
  • Overig
    • Vogeltrektellingen
    • Soortbeschrijving
    • Bijzondere verhalen
    • Reisverslagen
    • Natuurnieuws
    • Vraag en Antwoord
    • Uit de oude doos
    • In memoriam
  • Contact

natuurkalender december 2025

In de laatste maand van het jaar scheen de zon iets meer dan gemiddeld en er viel maar weinig neerslag. Voor even leek het zelfs een beetje lente te worden. Het grootste deel van de maand was het echter zacht en somber weer. Rond en tijdens de kerstdagen was het kortdurend koud en zonnig.  

In de natuur was er in deze regio niet al te veel te zien, noch te fotograferen. Nochtans kregen we toch nog 10 verschillende vogelsoorten voor de lens. Dat waren achtereenvolgens: middelste bonte specht, boomkruiper, sijs, kuifmees, wilde zwaan (2 x), staartmees (2 x), dodaars, wintertaling, watersnip en torenvalk. 

Ook hebben we deze keer twee zoogdiersoorten, te weten: eekhoorn en boommarter.  Het schimmelrijk was deze maand goed voor: rode kelkzwam of krulhaarkelkzwam, onbekend draadwatje, variabel draadwatje en langstelig kroeskopje. Uit de insectenwereld hebben we voor u: kettingschallebijter, groene schildwants, bruingemarmerde schildwants en een mijngang van de braam- of de bosbramenmineermot.   
​
De laatste 3 opnames zijn respectievelijk van: rood bekermos, volle maan en een mistige opname van het Haaksbergerveen. Alle opnames kunt u vergroot bekijken door er simpelweg op te klikken. Als steeds wensen wij u veel kijk- en leesplezier toe.
Afbeelding
Middelste bonte specht 15-12-2025 omgeving Reutum foto Leo Wijering
Een andere bosvogelsoort is de Boomkruiper (Certhia brachydactyla). In koude winternachten doet deze kleine vogelsoort zijn naam alle eer aan. Ze kruipen dan - soms met wel 8 of 9 soortgenoten tegelijk - dicht tegen elkaar aan tot ze één grote verenbol vormen, waaruit staartjes steken. Als ze spiraalsgewijs langs stammen van bomen klimmen, vallen ze door hun perfecte camouflagekleuren nagenoeg niet op. Met zijn spitse, sikkelvormige snavel peutert de boomkruiper kleine insecten en spinnetjes uit loszittend boomschors tevoorschijn. Als het kouder wordt laten ze zich soms zelfs verleiden om wat vogelpindakaas te snoepen. Gek genoeg klauteren ze ook wel eens langs muren of over daken. Zoals op de foto te zien, maakt de boomkruiper bij het klimwerk gebruik van zijn stijve staartpennen, die eindigen in twee stevige punten. 
De Middelste Bonte Specht (Dendrocoptes medius) is één van de grootste verrassingen van de laatste dertig jaar.  Drie decennia geleden was het een echte zeldzaamheid in ons land. Nu kun je de soort op veel plaatsen in os land tegenkomen. De kolonisatie is met name in onze regio (Twente) in de negentiger jaren begonnen. Hoe zeldzaam de soort indertijd was, blijkt uit de cijfers. Tussen 1960 en 1995 kenden we namelijk in ons land slechts negen broedgevallen; de meeste uit onze regio. Pas na de eeuwwisseling is de sterke toename van deze spechtensoort in ons land begonnen. Twente alleen al kent intussen ruim 400 broedparen. Op bijgaande foto, gemaakt in Reutum, is te zien waaraan de soort vrijwel direct te herkennen is; namelijk het rode petje, de gestreepte flanken en de rozige onderbuik
Afbeelding
Boomkruiper 26-12-2025 Lange Maten Reutum foto Wim Wijering
Foto
Sijs ~ man drinkend ~ 22-12-2025 omgeving Reutum foto Leo Wijering
In de omgeving van Lochem kon deze maand ook weer een Kuifmees (Lophophanes cristatus) worden gefotografeerd. Deze naaldhoutbewoner komt vrijwel alleen in Europa voor. Dat deze de mezensoort nagenoeg beperkt is tot één continent, zie je niet al te vaak in de vogelwereld. De kuifmees houdt zich in ons land hoofdzakelijk op in de hoge(re) zandgronden en in de duinen. Al vele jaren zien we geen verschuivingen. Bosveroudering en minder intensief bosbeheer hebben een tijdlang voor groei gezorgd. De afgelopen 30 – 40 jaar is de groei er een beetje uit.  De omzetting van naaldbos naar loofbos heeft de laatste jaren op sommige plekken nadelig uitgepakt voor deze soort, die zich voor de verandering eens mooi in een beukenboompje heeft laten portretteren.
Foto
Wilde zwanen ~ in de vlucht ~ 29-12-2025 foto Hennie Gunnink
Ook de tweede foto is die van Wilde Zwanen (Cygnus cygnus)”, die met elkaar aan het bakkeleien zijn. Het vele geel op de snavel is bij deze opname goed te zien. Qua lengte doet de wilde zwaan niet onder voor de veel bekendere Knobbelzwaan (Cygnus olor), maar ze zijn wel een stuk slanker. Met 10 tot 12 kg behoort de knobbelzwaan tot de zwaarste vliegende dieren. De wilde zwaan is lichter en weegt zo’n beetje tussen de 8 en 9 kg. Het zwaartepunt van de verspreiding ligt in het noorden en oosten van ons land. Foerageren doen ze het liefst op eiwitrijk grasland, maar ook op het water waar ze grondelend bladeren, stengels en wortels van waterplanten eten.  Ze zijn bij ons te zien vanaf half oktober tot half april.  
Foto
Staartmees 28-12-2025 Albergen foto Rob Zonder
Qua formaat is een Sijs (Spinus spinus) niet veel groter dan een boomkruiper of een pimpelmees. Het zijn echte zaadeters. Net als mezen hangen ze geregeld ondersteboven aan elzen- en berkentakken om de zaadjes uit de proppen te peuteren. Daarvan krijgen ze dorst. Dit mannetje kon worden gefotografeerd tijdens het drinken van water. Veel vogels uit Scandinavië en Rusland overwinteren in ons land. De mannetjes zijn gemakkelijk te herkennen aan hun groen en gele verenkleed, hun zwarte kop en kin en gele vleugelstreep. Als broedvogel komt deze vinkachtige maar weinig voor in ons land. In de sparrenbossen van Scandinavië zijn ze daarentegen talrijk.
Foto
Kuifmees 13-12-2025 omgeving Lochem foto Fons Wijering
Eén der onzen heeft in de winter een voorliefde voor het vastleggen van Wilde Zwanen (Cygnus cygnus) en Kleine Zwanen (Cygnus columbianus bewickii). Het verschil tussen beide gelijkende soorten is lastiger dan vooraf gedacht. De kleine zwaan is, zoals de naam al doet vermoeden, kleiner maar dat is op afstand nauwelijks te zien. Beide soorten hebben een lange rechte nek. Daarmee verschillen ze van de knobbelzwaan, die er een gebogen hals op na houdt. Het verschil tussen de “wilde” – en de “kleine” zit ‘m, naast de grootte, vooral in de gele vlek aan de snavelbasis. De wilde zwaan heeft meer geel in de snavel. Bij de kleine zwaan is het geel aan de snavelbasis kleiner. Maar pas op; de hoeveelheid geel wil evenwel per individu wel eens variëren. Op bijgaande foto ziet u twee vliegende wilde zwanen, die zomaar uit een Scandinavisch sprookje kunnen zijn weggevlogen. De “wilde” oogt in de vlucht zwaarder dan de “kleine en heeft een langzamere vleugelslag
Foto
Wilde zwanen ~ bakkeleiend ~ 29-12-2025 foto Hennie Gunnink
Niet alleen van wilde zwanen, maar ook van Staartmezen (Aegithalos caudatus) zijn er deze maand 2 opnames voor de natuurkalender aangeleverd.  Je vindt staartmezen vooral in parken en tuinen met veel loofhout. Na de broedperiode zwerven ze rond in groepjes en houden constant roepend contact met elkaar. Niet zelden sluiten andere vogelsoorten zich bij hen aan. Dat zijn niet alleen andere mezensoorten, maar ook tjiftjafs, goudhaantjes en boomkruipers. Een staartmees weegt maar 8-9 gram en moet - om de lange winternacht door te komen – wel 96 % van de beschikbare tijd benutten om voedsel te zoeken. Aan het eind van een lange, koude winternacht zijn staartmezen aanzienlijk in gewicht afgenomen. Om warm te blijven kruipen ze ’s nachts op een tak dicht tegen elkaar aan
Daar waar de ene fotograaf slechts één Staartmees (Aegithalos caudatus) voor de lens weet te krijgen, lukt het de ander om er maar liefst 7 tegelijkertijd te fotograferen. Een geschikte stam met wat plekken, opgevuld met gestold zoutloos vet, doet soms wonderen. Dergelijke groepen zie je vooral ’s winters. Meestal zijn het tussen de acht en twaalf vogels. Het zijn familiegroepjes die na de broedperiode zijn geformeerd. Elke familie heeft zo zijn eigen territorium, wat ze kranig verdedigen tegen andere groepen staartmezen. Als twee groepen elkaar tegenkomen gaat dat gepaard met een hoop opwinding. Het leven in groepen heeft als grote voordeel dat je elkaar kunt wijzen op voedselbronnen, op geschikte slaapplekken en waarschuwen voor roofvogels, zoals sperwers. In de nawinter vindt de paarvorming plaats, waarna de wintergroep uiteenvalt
Foto
Dodaars 08-12-2025 Bornsebeek- Borne foto Marcel Grunder
Foto
Staartmezen (7 stuks) 24-12-2025 kanaal Almelo Nordhorn ZZ Albergen foto Marcel Grunder
Bij zacht weer in de winter, zoals ten tijde van deze opname, zijn Dodaarsjes (Tachybaptus ruficollis) in het hele land te vinden op plassen, kanalen, sloten, traag stromende beken en zelfs in stadsgrachten. Strenge vorst dwingt de vogels om open water op te zoeken. De kleinste soort uit de futenfamilie ziet ook in de koude periode kans om voldoende voedsel te vinden. Waterinsecten zijn er immers ook in de koudere maanden. De donzige veren op zijn achterwerk hebben hem zijn naam bezorgd, te weten: doddige aars, wat is ingekort tot dodaars. Ze zijn behoorlijk schuw. Bij het minste of geringste verdwijnen ze onder water om vervolgens op een onverwachte plek weer op te duiken. ‘s Winters ziet hij er onopvallend uit: lichtbruin met beige hals. Anders dan bij veel andere vogelsoorten, is er nauwelijks verschil te zien bij het uiterlijk van het mannetje en het vrouwtje. De opname is overigens gemaakt op de Bornsebeek
In tegenstelling tot z’n neefje de zomertaling (Spatula querquedula), die momenteel in Afrika bivakkeert, draagt de Wintertaling (Anas crecca) in deze periode van het jaar z’n naam met verve. Met grote aantallen komt dit kleine eendje elk jaar naar ons land om hier te overwinteren. In tegenstelling tot de mannetjes zijn de vrouwtjes onopvallend met een groene spiegel op de achtervleugel. Dat is bij dit exemplaar overigens niet te zien. Het beestje heeft veel weg van een klein formaat wilde eend (vrouwtje).  Wintertalingen geven in het winterhalfjaar de voorkeur aan grote niet al te diepe wateren en moerassen met begroeide oevers, zoals in dit geval de Oelemars bij Losser.  Het zijn echte grondel eenden die hun voedsel net onder het wateroppervlak zoeken.
Foto
Wintertaling ~ vrouw ~ 16-12-2025 Oelermars Losser foto Marcel Grunder
Foto
Watersnip 16-12-2025 Oelermars Losser foto Marcel Grunder
Als broedvogel is de Watersnip (Gallinago gallinago) in ons land behoorlijk schaars geworden. De Nederlandse broedvogels zijn trekvogels en overwinteren tot in Noord-Afrika. In het najaar krijgen we hier doortrekkende watersnippen, afkomstig uit gebieden, die tot in Rusland reiken. Een deel daarvan blijft, als het niet te koud wordt en de grond niet hard bevroren, overwinteren. De meeste vogels trekken evenwel verder naar het zuidwesten. Dit exemplaar werd, net als de vorige soort, gefotografeerd bij de Oelemars in Losser. Watersnippen trekken zowel overdag als 's nachts, meestal in kleine groepen. Ze houden van plekken met ondiep water en modderige oevers
Het gaat niet goed met de Torenvalk (Falco tinnunculus) in ons land. De soort is acht jaar geleden reeds op de Rode Lijst van Nederlandse broedvogels terechtgekomen. Dit jaar deze muizenjager bij uitstek zelfs uitgeroepen tot vogel van het jaar en dat gebeurde niet bepaald uit weelde.  De soort neemt in ons land als broedvogel en als overwinteraar vanaf 1990 gestaag in aantal af, een afname die de laatste jaren zelfs is versneld. Op onze website (www.nvwgdegrutto.nl) is het afgelopen jaar een uitgebreid artikel over de torenvalk geplaatst. Dit vrouwtje werd onlangs gefotografeerd op de Reutummer-es.  
Foto
Eekhoorn 26-12-2025 Lange Maten Reutum foto Wim Wijering
Rond deze tijd van het jaar worden de steenuilkasten bezocht om schoongemaakt te worden voor het aankomende broedseizoen. Deze kasten worden nogal eens gekraakt door spreeuwen, eekhoorns of zelfs marters. Dit zijn soorten, die veel nestmateriaal gebruiken, waardoor deze onbruikbaar worden voor de steenuil. Bij een controle op 20 december in Haarle, lagen er marterkeutels op het deksel van een steenuilkast; een indicatie dat wellicht een kraker de kast in bezit had genomen. Met de telefooncamera in de aanslag werd voorzichtig het deksel opgetild, waarna deze verraste, maar zeker geen paniekerige Boommarter (Martes martes) recht in de lens van de camera keek. Pas na enige tijd besloot deze marterachtige dat het tijd werd om de kast te verlaten. De afbeelding is een “still” van de gemaakte video. Boommarters vertoeven overdag op zogenaamde dagrustplaatsen; het liefst op een hoge, droge, warme plek. Een spreeuw heeft op enig moment waarschijnlijk hooi naar binnen gesleept en daarmee kennelijk dit warme plekje voor ‘m gecreëerd
Foto
Torenvalk ~ vrouw ~ 26-12-2025 Reutummer-es foto Wim Wijering I
In deze kalendermaand hebben we, naast de vele vogelsoorten, ook twee zoogdiersoorten weten vast te leggen, te beginnen bij deze Eekhoorn (Sciurus vulgaris). Deze spring-in het veld eekhoorn dankt zijn aaibaarheidsfactor aan zijn mooie, wollige staart en de leuke pluimpjes op zijn oren en niet te vergeten z’n behendigheid. Ze eten dagelijks 5 % van hun lichaamsgewicht aan voedsel. Net als veel andere knaagdieren legt hij wintervoorraden aan. Ze houden er weliswaar geen winterslaap op na, maar wel een soort winterrust. Dat betekent dat ze op erg koude en gure dagen in hun nest blijven. Omdat eekhoorns vaak plekken vergeten waar ze hun voorraden hebben verstopt, dragen ze bij aan de verspreiding van boomzaden in het bos. Waarom het beestje omhoogkeek, is niet duidelijk geworden. 
Foto
Boommarter ~ in steenuilkast ~ 20-12-2025 Haarle foto Johan Drop
Foto
Rode kelkzwam of Krulhaarkelkzwam 12-12-2025 Arboretum De Lutte foto Leo Wijering
Kelkzwammen zijn bekende winterpaddenstoelen vanwege hun opvallende verschijning.  Twee soorten komen in ons land voor, namelijk de Rode Kelkzwam (Sarcoscypha coccinea) en de Krulhaarkelkzwam (Sarcoscypha austriaca). Ze zijn alleen microscopisch van elkaar te onderscheiden. De rode kelkzwam heeft een voorkeur voor dood hout van es, iep, wilg en beuk. Bij z’n look-a-like gaat de voorkeur uit naar dood hout van onder meer esdoorn en els. Volgens de literatuur neigt de kleur van de krulhaatkelkzwam naar purperrood en de rode kelkzwam naar bloedrood. Maar ook dan nog bestaat er geen zekerheid. Maar wat doet het ertoe; het zijn gewoon mooie paddenstoelen om te zien. Ze verschijnen soms al in november. Slakken, springstaartjes en insectenlarven zijn dol op het vruchtvlees
De natuur creëert soms prachtige kunstwerkjes. Dat is vooral bij de slijmzwammetjes oftewel de myxomyceten het geval. Het zijn veelal fraaie miniatuurtjes, waar je niet zelden een loep bij nodig hebt. In ons land komen er pakweg 300 soorten voor. Het op naam brengen van deze slijmzwammetjes is vaak een kunst op zich, tenminste als ze niet microscopisch zijn onderzocht. Eén van onze natuurfotografen heeft in de loop der jaren aardig wat ervaring opgedaan met het opzoeken en fotograferen van deze ieniemienies. Bijgaande foto laat twee Draadwatjes (Trichia spec.) zien, die helaas niet (volledig) op naam gebracht konden worden. De vruchtlichaampjes zagen er – aldus de fotograaf - “zo glad oet als n’n ekkel”, zoals we dat in Twente zeggen.
Foto
Variabel draadwatje 08-12-2025 omgeving Lochem foto Fons Wijering
Foto
Draadwatje ~ onbekend ~ 01-12-2025omgeving Lochem foto fons Wijering
Het vorige slijmzwammetje was dan wel niet op naam te brengen, maar dat lukte wel bij deze soort, die als Variabel Draadwatje (Trichia ambigua) te boek staat. Dit slijmzwammetje, waarvan er meerdere in een rijtje stonden, is in ons land behoorlijk zeldzaam.  Ze staan nochtans niet op de rode lijst, noch worden ze bedreigd. Ze leven op dood hout van loofbomen n struiken. Het variabel draadwatje heeft een kleine steel. Als gastheer dient voornamelijk es, beuk, berk en eik.  Bij het maken van dergelijke foto’s wordt steevast gebruik gemaakt van een macrolens. Het scherpstellen gaat handmatig, bij natuurlijk licht en het afdrukken met behulp van een draadontspanner. 
Door dezelfde fotograaf kon ook dit sierlijke slijmzwammetje op de gevoelige plaat worden vastgelegd. Het betreft het Langstelig Kroeskopje (Comatricha nigra). De onrijpe vruchtlichamen zijn aanvankelijk wit tot roze en staan op slanke, zwarte steeltjes. Al vrij snel kleuren de vruchtlichamen naar zwart. De stelen worden uiteindelijk 2-6 maal zo lang als de diameter van het vruchtlichaam. Voor deze soort geldt dat er microscopische controle nodig was geweest voor een zekere determinatie. 
Foto
Langstelige kroeskopjes 05-12-2025 omgeving Lochem foto Fons Wijering
Foto
Kettingschallebijter 14-12-2025 Lemselermaten Weerselo foto Wim Wijering
De kettingschallebijter of gekorrelde veldloopkever (Carabus granulatus) is een kever uit de familie loopkevers. Het is een zwarte soort met een groenige metaalglans. De kleurtekening kan evenwel variabel zijn. Kenmerkend voor de soort is de afwisseling op de dekschilden van rechte lengtegroeven en kettingachtige groeven van kleine bultjes. In ons land komen van dit geslacht 15 soorten voor. De kever is geenszins algemeen en is één van de kleinere soorten. Hun lengte zit tussen de 17 en 23 millimeter. Deze felle jager is één van de weinige Carabus-soorten die kan vliegen. De meeste andere schallebijters hebben slechts rudimentaire vleugels. Schallebijters zijn typische bodembewoners, die niet graag klimmen. Ze zijn over het algemeen nuttig, omdat ze onder meer insectenlarven, slakken, wormen en aas eten.  
In Nederland komen 38 soorten schildwantsen voor. Heel wat van deze schildwantsen hebben stinkklieren. Zodra ze zich bedreigd voelen, zullen ze een vieze geur vrijgeven. Dat is onder meer het geval bij de afgebeelde Groene Schildwants (Palomena prasina). Groen zult u wellicht zeggen; die kleur zie ik helemaal niet bij dit beestje. Wat u wellicht niet wist is dat overwinterende dieren van deze soort niet groen, maar bijna altijd bruin zijn. Dat gebeurt al in het najaar. Na de overwintering worden ze weer heldergroen, zoals we ze doorgaans te zien krijgen. Dit exemplaar werd op 10 december gefotografeerd in de eigen tuin. Het was op die recordwarme dag in december maar liefst 12 ° C! 
Foto
Bruingemarmerde schildwants 14-12-2025 Nijstad Weerselo foto Wim Wijering
Foto
Groene schildwants ~ winterkleed ~ 10-12-2025 Nijstad Weerselo foto Wim Wijering
Vier dagen later liep er met een temperatuurtje van 9 ° C wederom een wants in de tuin. Dit keer bleek het de Bruingemarmerde Schildwants (Halyomorpha halys) te zijn. Het beestje was kennelijk nog laat op zoek naar een beschutte plek voor de winter. Tijdens deze zoektocht zijn ze vaak op muren of gevels te zien. Ook in huis kunnen ze worden aangetroffen. Het beestje is van origine afkomstig uit Oost-Azië. Pas in 2018 werd de soort voor het eerst in ons land gesignaleerd; als zo vaak in Zuid-Limburg. In enkele jaren tijd heeft deze wants zich over heel Nederland verspreid. Naast de buxusmot, het Aziatisch lieveheersbeestje, de Aziatische hoornaar is het de volgende invasieve soort uit Azië. Erg blij moeten we er niet mee zijn, omdat de wants veel schade kan toebrengen aan heel wat soorten fruit en groenten.
Op diezelfde dag werd in het Natura 2000 gebied de Lemselermaten in Weerselo op diverse bladeren van de braam mijngangen aangetroffen van waarschijnlijk de Braammineermot (Stigmella aurella), zoals te zien op bijgaande foto.  De mijn is een lange, meestal kronkelende gang in het blad wat zich nauwelijks verbreedt. Het zou in dit geval echter ook kunnen gaan om de mijngang van de Bosbramenmineermot (Stigmella splendidissimella). Beide gangen zijn namelijk nauwelijks van elkaar te onderscheiden.  De twee soorten behoren tot de zogeheten microvlinders. Geïnteresseerd geraakt in microvlinders; raadpleeg dan eens microlepidoptera.nl   
Foto
Rood bekermos 28-12-2025 Loozerheide Weert foto Jaimey Wilbers
Foto
Mineermot (Stigmella aurella of Stigmella splendidissimella) 14-12-2025 Lemselermaten Weerselo foto Wim Wijering
Op de Loozerheide bij Weert kon deze maand Rood Bekermos (Cladonia cocciferais) worden gefotografeerd. Het is een korstmos, die voorkomt op humusrijke bodems en af en toe op hout. Vaak zijn ze te vinden in heidevelden, stuifzanden, maar ook in de duinen. De bekers van deze soort zijn relatief breed.  Aan de randen van de bekers vormen zich rode vruchtlichamen. De groeivorm van korstmossen zijn zo onregelmatig dat je vrijwel nooit twee identieke structuren van dezelfde soort aan zult aantreffen.  Verwarring met de afgebeelde soort is mogelijk met een andere cladoniasoort, namelijk de Rode Heidelucifer (Cladonia floerkeana). Deze heeft geen bekervormige, maar staafvormige tot vertakte “bekers”. Het rood bekermos is een kosmopolitische soort, hetgeen betekent dat ze op alle continenten voorkomt, behalve op Antarctica. In ons land is het een vrij algemene soort. 
Op 04 december j.l. liet de maan zich kort na zonsondergang mooi zien. Geen wolkje aan de hemel en het was . . . . .  “volle maan”. Dat laatste is natuurlijk een mooie bijkomstigheid. Het begrip volle maan is één van de schijngestalten, waarbij de maan, vanaf de zon gezien, zich aan de andere zijde van de aarde bevindt. Op dat moment valt de verlichte helft van de maan samen met de naar de aarde toegekeerde helft. Hoe simpel is het. Het was zo’n moment, die je dit heldere hemellichaam dan toch graag wilt vastleggen met de camera. Weliswaar was er geen statief bij de hand, maar een open muurraam wel. Camera d’r op, met de hand nog even scherpstellen en dan krijg je bijgaand resultaat. Wel natuurlijk een telelens gebruiken.
Foto
Haaksbergerveen in de mist ~ blauwekiekendief op de voorgrond ~ 20-12-25 Buurse foto Laurents ten Voorde
Foto
Volle maan 04-12-2025 Nijstad Weerselo foto Wim Wijering
Als de dagen korter worden, de temperaturen dalen, overdag de zon uitbundig schijnt en het in de nacht stevig kan afkoelen, dan ontstaat er mist. Hoe mooi is het om hiervan gebruik te kunnen maken van landschapsbeelden bij water en open gebieden, zoals in dit geval het Haaksbergerveen. De lucht, de bomen, de dieptewerking en als je heel goed kijkt een mannetje blauwe kiekendief op de voorgrond. Alles komt in dit ene beeld samen. Met deze opname sluiten we de decembersessie in stijl af. Wij wensen u uiteraard een gezond en natuurrijk 2026 toe! Kortom; blijf kijken
Samenstelling: Wim Wijering     E-mail: [email protected]     Tel. 06.46202123 

De foto’s zijn dit keer van: Leo, Fons en Wim Wijering, Marcel Grunder, Jaimey Wilbers, Hennie Gunnink, Laurents ten Voorde, Johan Drop en Rob Zonder.
Er zijn deze maand meer natuurfoto’s gemaakt; evenwel zonder toelichting. Klik op “Hier” of surf eenvoudigweg naar de rubriek: “Recente Foto’s” om ook deze foto’s te bekijken.
Copyright © 2014 Natuur en Vogelwerkgroep "De Grutto" | Sitemap | Colofon | ​Contact​