NATUUR- EN VOGELWERKGROEP --"DE GRUTTO"
  • Home
  • Aktiviteiten
    • Landschapsonderhoud
    • Excursie verslagen
    • Ringaktiviteiten
    • Waarnemingen
  • Werkgroepen
    • Weidevogel bescherming
    • Uilen
    • Zwaluwen
    • Nestkasten
  • Foto 's
    • Recente foto's
    • Natuurkalender
    • Amfibieën en reptielen
    • Flora
    • Juffers en libellen
    • Landschappen
    • Paddenstoelen
    • Vlinders
    • Vogels
    • Zoogdieren
    • Aruba
  • Jeugd
    • Scholenproject Red de vlinder en de bij 2020
    • Scholenproject Red de vlinder en de bij 2019
    • Scholenproject Red de vlinder en de bij 2018
    • Scholenproject Red de vlinder en de Bij 2017
    • Scholenproject Red de vlinder en de bij 2016
    • Jeugdnatuurgroep
    • Voorlichting en educatie
  • Overig
    • Vogeltrektellingen
    • Soortbeschrijving
    • Bijzondere verhalen
    • Reisverslagen
    • Natuurnieuws
    • Vraag en Antwoord
    • Uit de oude doos
    • In memoriam
  • Contact

natuurkalender augustus 2026

 Augustus 2026 was in Nederland een uitzonderlijk warme, zonnige en overwegend droge maand, die de kroon zette op een recordwarme zomer. Wederom sneuvelden verschillende warmterecords. De laatste decade van de maand werd wat koeler, wisselvalliger en natter, waardoor de hitte tijdelijk werd getemperd. Wel liep het neerslagtekort flink op.  

Het was voor onze fotografen in ieder geval weer volop genieten geblazen in de natuur. Qua vogels kwamen we behoorlijk aan onze trekken met soorten als: zwarte ooievaar, kwak, watersnip, bosruiter, grote zaagbek, groene- en zwarte specht, goudvink, grauwe vliegenvanger en winterkoning. 

De insectenwereld was deze keer goed voor: kolibrievlinder, kleine vuurvlinder, zwarte heidelibel en stekelsluipvlieg. Ook werden soorten als klokjesgentiaan, reegeit en een schaapskudde vereeuwigd. 

Twee van ons verbleven deze maand zelfs een tijdlang op Aruba en fotografeerden er lustig op los met achtereenvolgens soorten als: Amerikaanse fregatvogel, Amerikaanse schaarbek, zeldzaamheden als Arubaans konijn, Arubaanse ratelslang en Arubaanse holenuil, maar ook groene leguaan, een dikkopjessoort, een papegaaivis, rode lepelaar, en muskietkolibrie ontkwamen niet aan de klikkende camera’s. 
​
Kortom weer heel veel nieuw natuurmateriaal, waar we u hopelijk weer een groot plezier mee kunnen doen. We beginnen allereerst met een 10-tal vogelsoorten. 
Afbeelding
Zwarte ooievaars 08-2026 Bergvennen Lattrop foto Hernnie Gunnink
De afgelopen weken waren er in de Bergvennen trouwens nog meer mooie vogelsoorten waar te nemen. Naast zwarte ooievaars waren er ook diverse steltlopers te zien, als witgat, groenpootruiter, watersnip en oeverloper en zelfs een jonge Kwak (Nyctycorax nyctycorax). Vanachter het kijkscherm liet het afgebeelde beestje zich een paar dagen lang mooi bewonderen. Kwakken foerageren vooral ’s nachts en worden dan ook tot de nachtreigers gerekend. Juveniele kwakken zien er heel anders uit dan hun ouders. Ze hebben een gelige snavel, bruine bovendelen met witte druppels en lichtbruine onderdelen met donkerbruine vlekken. Volwassen vogels zijn grijs (althans de borst en vleugels) met daarnaast een zwarte kruin, nek, rug en mantel met bovendien een wit gezicht met markant rood oog.
Elk jaar doen juveniele Zwarte Ooievaars (Ciconia nigra) Twente aan. In de afgelopen maand hebben er zelfs een stuk of 8 lange tijd gefoerageerd in de Bergvennen bij Lattrop. Op de foto een 3-tal exemplaren, die daar gefotografeerd zijn. Ze beginnen zo te zien al aardig op kleur te komen. Waarschijnlijk gaat het om 2e Kalender jaar vogels. De dieren komen vooral uit Duitsland en verder oostwaarts. Het schijnt dat hun kompas nog niet helemaal naar behoren werkt en ze er vrij lang over doen om naar hun winterverblijf te vliegen. De groepjes bestaan vaak uit één- of tweejarige vogels. We zien ze ook hier steeds vaker. Volgens de laatste berichten is het niet uitgesloten dat we binnen niet al te lange tijd ook het eerste broedpaar mogen verwelkomen. Anders dan de " gewone " ooievaar zijn het schuwe vogels, die in afgelegen bossen broeden. Jonge vogels missen aanvankelijk deze schuwheid
Afbeelding
Kwak ~ juveniele vogel ~ 08-08-2026 Bergvennen Lattrop foto Marcel Grunder
Foto
Watersnip 09-08-2026 Bergvennen Lattrop foto Marcel Grunder
Zoals zojuist vermeld, werden in de augustusmaand op de Bergvennen ook Watersnippen (Gallinago gallinago) gesignaleerd, Uiteraard kreeg deze soort ook de aandacht die de vogel verdient, vooral omdat dit exemplaar zich open en bloot liet zien. Doorgaans houden ze er in de regel namelijk een verborgen leefwijze op na. Het is wel een soort, die zich vele malen vaker in Twente laat zien dan de beide voorgaande soorten. Zelfs een groot deel van het jaar kun je ze hier tegenkomen. Afgebeeld is een mooi bruin met geel gestreept exemplaar, die als het ware op de uitkijk staat. Stilstaand zijn ze gemakkelijk te fotograferen. Anders wordt het als ze met hun buitenproportioneel lange snavel in de modderige bodem zitten te boren, op zoek naar voedsel, zoals larven, wormen, slakjes en spinnen. In ritmische bewegingen gaat dan de kop op en neer als een traag werkende naaimachine. Probeer dat dan maar eens loepscherp vast te leggen.
Niet alleen in de Bergvennen, maar ook in de Oosterweilanden bij Vriezenveen worden niet zelden steltlopers gezien en gefotografeerd, zoals in dit geval deze Bosruiter (Tringa glareola). Het gebied is een zandwinplas, waar de komende decennia zand wordt gewonnen, verwerkt en geëxploiteerd. Ooit was de afgebeelde ruitersoort een broedvogel in ons land. Daarvoor moeten we wel terug naar de dertiger jaren in de vorige eeuw. Daar zullen nog maar weinig actieve vogelaars over mee kunnen praten. Heden ten dage is deze ruitersoort alleen nog maar tijdens de doortrek in Nederland te zien. Dat is tijdens de voorjaarstrek in april en mei en gedurende de najaarstrek van juli tot en met september. De bosruiter is een steltloper met een opvallend gespikkeld verenkleed en een tamelijk korte snavel. Ze vertonen overeenkomsten met witgatjes en schijnen een voorkeur te hebben voor vennetjes en nieuw aangelegde natte natuur. Meestal gaat het maar om enkelingen, zoals ook in dit geval. 
Foto
Bosruiter 24-08-2026 Vriezenveen - Oosterweilanden foto Rob Zonder
Foto
Grote zaagbek ~ vrouwtje ~ 03-08-20267 Oelemars Losser foto Leo Wijering
Een nog veel bekendere zandwinplas in Twente is de Oelemars op de grens Losser/ Overdinkel. Hier zwom op 03 augustus j.l. nota bene een vrouwtje Grote Zaagbek (Mergus merganser). Dat is nu niet bepaald een datum waarop je deze wintergast hier verwacht. De vogel broedt in Noord-Europa en Rusland. In de wintermaanden trekken ze naar ons land. Deze grote, visetende duikeend zoekt in die tijd open, zoet water op om er te rusten en te jagen. Ze hebben een lange, dunne snavel met kleine “tandjes”. Hiermee vangen ze prooien, veelal glibberige vissen. Zoals op de foto te zien, valt het vrouwtje niet echt op. Ze zijn namelijk grijs met een roestbruine kop. De mannetjes zijn veel opvallender gekleurd. De soort wordt wel vaker op de Oelemars gespot, maar dat is meestal tussen november en maart en zeker niet in augustus. 
Ook kon deze maand weer eens een Groene specht (Picus viridis) worden vereeuwigd. Aan het gespikkelde verenkleed en het zwart onder het oog is te zien dat we hier te maken hebben met een juveniel en bovendien dorstig vrouwtje. Het beestje had opvallende genoeg enkele afwijkend gekleurde (witte) vleugeldekveren. Dat zie je overigens wel vaker bij jonge vogels. Ook vogels in de rui kunnen afwijkende dekveren hebben of een tamelijk weinig voorkomende vorm van leucisme. Zoals wellicht bekend, zit deze spechtensoort graag en vaak op de grond. Daar doen ze zich te goed aan vooral mieren. Het is een relatief grote specht, die vaker wordt gehoord (”lachen”) dan gezien.
Foto
Zwarte specht - juveniele vrouw ~14-08-2026 omgeving Lochem foto Fons Wijering
Foto
Groene specht-~ juveniel vrouwtje ~ 11-08-2026 omgeving Lochem foto Fons Wijering
Van dezelfde fotograaf is ook deze merkwaardig uitziende foto van een juveniele Zwarte specht (Dryocopus martius). Ook in dit geval hebben we te maken met een vrouwtje. Dat is onder meer te zien aan de kleurstelling van het verenkleed (veel minder zwart) en de geringe hoeveelheid rood op de kop. Het beestje lijkt tamelijk nieuwgierig te zijn; iets wat in de dameswereld wel vaker voorkomt. Je zou er echter ook in kunnen zien dat de vogel ergens reikhalzend naar uitziet. Laat de fantasie er maar eens op los. Het is in ieder geval een standvogel, die in ons land ook nog eens de grootste is in de spechtenwereld. 
De Goudvink (Pyrrhula pyrrhula) wordt tot de zangvogels gerekend, terwijl bij deze kleurrijke vogel de zang eigenlijk niets voorstelt. Van het mannetje is slechts een zacht en bijna melancholische fluittoontje te horen. Een luid “concert” en langdurig zingen is er bij deze soort niet bij. Toch werd deze vogel juist door die zachte fluittoon opgemerkt. Zoals op de foto te zien, is het mannetje goed herkenbaar aan z’n roodkleurige borst, de grijze rug en het zwarte petje met dito vleugeldelen en staart. De goudvinksnavel is niet zo krachtig als die van de groenling en niet geschikt om zware zaden en pitten te kraken. Wel bijten ze knoppen van twijgen af, waar bijvoorbeeld fruittelers niet zo blij mee zijn
Foto
Grauwe vliegenvanger 26-08-2026 omgeving Lochem foto Fons Wijering
Foto
Goudvink ~ man ~ 02-08-2026 Engbertsdijksvenen foto Rob Zonder
Veel minder opvallend, zeg maar vrijwel onopvallend, is de Grauwe Vliegenvanger (Muscicapa striata). Deze vliegenvanger soort wordt vaak over het hoofd gezien vanwege z’n grijsbruine verenkleed. Ook het geluid van deze, eveneens tot de zangvogels behorende soort, is niet bijster opvallend. De “zang” klinkt hoog, maar vooral iel. Deze insecteneter pur sang maakt graag gebruik van een uitkijkpost. In een korte snelle vlucht jagen ze achter vliegende insecten aan, die vaak in de lucht worden gevangen. Nestelen doen ze op de gekste plekken. Ornamenten, bloembakken en dergelijke aan huizen zijn bijvoorbeeld geliefde broedlocaties. De wegtrek begint al eind juli tot begin september. De piek vindt plaats in augustus. 
Een heel stuk luidruchtiger is het Winterkoninkje (Troglodytes troglodytes); hier op de foto te zien met het voeren van z’n jongen in een korf. Ze zijn qua nestplaatskeuze nogal inventief. We komen ze tegen in oude zwaluwnesten, bloembakken, jaszakken, open schuurtjes, tussen touwen etc. etc. In tegenstelling tot wat zijn naam doet vermoeden, overleven bij (aanhoudende) kou veel winterkoninkjes de winter niet. Daar staat tegenover dat ze, net als ijsvogels, beschikken over een groot reproductievermogen. Wereldwijd kent deze soort maar liefst 29 ondersoorten. Ze zijn jaarrond bij ons te gast.
Foto
Amerikaanse fregatvogel ~ juveniele vogel ~ 08-08-2026 Bubaliplas Aruba foto Wim Wijering
Foto
Winterkoning 04-08-2026 Kanaal Almelo Nordhorn ZZ Albergen foto Marcel Grunder
We schakelen nu over van heel klein naar behoorlijk groot en van Nederland naar de Nederlandse Antillen; in dit geval het eiland Aruba. Schrijver dezes en diens fotograferende kleinzoon Jaimey hebben zich hier de afgelopen maand behoorlijk met de camera mogen uitleven in de natuur. Dat leverde onder andere bij de bekende Bubaliplas deze majestueuze Amerikaanse Fregatvogel (Fregata magnificens) in de vlucht op. Wetenschappers hebben ontdekt dat deze zeevogels slapen tijdens het vliegen. Dat doen overigens wel meer zee- en trekvogels en vooral ook gierzwaluwen. Wanneer fregatvogels tijdens het vliegen slapen, schakelen ze niet over op de automatische piloot. Ze slapen dan vaak met slechts één hersenhelft, terwijl de andere helft wakker blijft. De meeste dieren die met één hersenhelft slapen, doen dit om alert te blijven op roofdieren, maar fregatvogels hebben in de lucht niets te duchten van natuurlijke vijanden. Dus waarom?
Foto
Amerikaanse schaarbekken 12-08-2026 Spaans Lagoen Aruba foto Wim Wijering
Op Aruba zijn buiten het broedseizoen ook met enige regelmaat Amerikaanse Schaarbekken (Rynchops niger) te zien. In het papiamento worden ze Pico di Sker en in het Engels Black skimmers genoemd.  Hier is een viertal exemplaren neergestreken in het natuurgebied “Spaans Lagoen”.  Ze danken hun naam aan hun bijzondere snavelvorm en de unieke manier van foerageren.  De ondersnavel is namelijk een stuk langer dan de bovensnavel.  Met deze felgekleurde snavel scheren ze vlak over het wateroppervlak om zo visjes en/ of schaaldieren te vangen. Als de ondersnavel een prooi raakt, klapt de bovensnavel naar beneden en schiet de kop al vliegend onder water. In de vlucht wordt de prooi vervolgens verorberd. Er bestaan wereldwijd 3 soorten schaarbekken, die alle zijn ingedeeld bij de meeuwenfamilie. 
Foto
Arubaans konijn (Sylvilagus floridanus nigronuchalis) 21-08-2026 Nacional Parc Arikok Aruba foto Jaimey Wilbers
Op Aruba komt vreemd genoeg ook een wilde konijnensoort voor. Het is een ondersoort van het zogeheten Floridakonijn. Wetenschappelijk staat dit konijn te boek als (Sylvilagus floridanus nigronuchalis). Het is een unieke ondersoort, die op het eiland lokaal conew, coneu of conenchi wordt genoemd. Deze ondersoort komt alleen voor op de eilanden Aruba en Curaçao. Het dier heeft een grijsbruine vacht en een kenmerkende witte vlek op het voorhoofd. Het zijn hoofdzakelijk nacht- en schemeringdieren. Overdag schuilen ze ondergronds i.v.m. de hitte. Ze zoeken in het donker en in de schemering naar grassen en kruiden om te eten. Het beestje werd net na zonsopkomst “gekiekt” in het Nationaal Park “Arikok”. Zoals met meer dieren op Aruba, is het beestje bijna uitgestorven. 
Dat laatste geldt ook voor de Arubaanse ratelslang (Crotalus unicolor), die lokaal bekend staat als Cascabel. Het is de op één na zeldzaamste slang ter wereld. In 2020 werd de populatie geschat op ongeveer 230 exemplaren. Dat aantal is intussen gedaald tot minder dan 100!! De zeldzaamste slang ter wereld is echter de Saint Lucia Racer (Erythrolamprus ornatus). Deze kleine, ongevaarlijke slang komt uitsluitend voor op het Caribische eiland Saint Lucia. Hiervan leven er naar schatting nog minder dan 20 individuen in het wild.  De Arubaanse ratelslang gaat geleidelijk ook die kant op en wordt kortom zeer ernstig bedreigd in z’n voortbestaan. Door heel vroeg op stap te gaan met ranger “Rambo”, hebben we - dankzij de arendsogen van de kleinzoon - toch twee exemplaren voor de lens gekregen. De slang is 70 tot 90 centimeter lang en heeft een lichtbruine, grijze of abrikoosachtige kleur, Het beestje gaat qua kleurstelling geheel op in z’n leefomgeving. Op de rug is een vage ruittekening te zien. Hij is weliswaar giftig en schuw, maar zeker niet agressief. 
Foto
Arubaanse ratelslang 21-08-2026 Arikok Nationaal Park Aruba foto Jaimey Wilbers
Foto
Arubaanse holenuil (ssp. brachyptera) 18-08-2026 Spaans Lagoen Aruba foto Jaimey Wilbers
De kleinzoon had – voorafgaand aan de Arubareis – zijn zinnen gezet op het zien en fotograferen van twee specifieke en zeldzame endemische soorten op het eiland. Dat was naast de Arubaanse ratelslang ook de Arubaanse Holenuil (Athene cunicularia arubensis). De Shoco zoals deze uilensoort op het eiland wordt genoemd, komt net als de Arubaanse ratelslang alleen op Aruba voor. Sinds 2015 is dit uiltje officieel erkend als het nationale symbool van Aruba. Het is een kleine uil met lange poten, die leeft in holen in de grond. Net als de vorige twee soorten wordt de shoco momenteel ernstig bedreigd door verlies aan leefgebied, loslopende dieren en menselijke verstoring. Je vindt de shoco afgebeeld op lokale bankbiljetten, munten en postzegels. Op twee verschillende locaties hebben we gelukkig nog van dit aandoenlijke uiltje mogen genieten.
Op Aruba leven veel verschillende soorten reptielen. Overal op het eiland kom je ze tegen. Je ziet ze vaak zonnen op rotsen, in bomen, op het strand, bij zwembaden, maar ook in tuinen, bij hotels en resorts. Het feit dat reptielen, zoals deze Groene Leguaan (Iguana iguana) koudbloedige beesten zijn, helpt mee om ze gemakkelijk te vinden. Reptielen “tanken zonlicht” om energie op te doen, waardoor zij de rest van de dag actief kunnen zijn. Lokaal wordt dit “oerbeest” Yuwana genoemd. Het is de grootste en meest indrukwekkende hagedissoort op Aruba. Ze kunnen wel 1,2 meter lang worden. Volwassen dieren zijn vaak grijsbruin of groengrijs van kleur. Jonge(re) leguanen zijn felgroen, zoals ook dit halfwas exemplaar. Net als kameleons kunnen ze bij gevaar van kleur veranderen om zich aan te passen aan de omgeving. Ze zijn ongevaarlijk en eten uitsluitend bladeren, groente en frui
Foto
Groene leguaan ~ halfwas ~ 25-08-2026 Bubali Aruba foto Wim Wijering
Foto
Dikkopje (Heliophyrgus domicella) 20-08-2026 Arikok NP Aruba foto Jaimey Wilbers
Snorkelen en een kijkje nemen in het onderwaterleven van Aruba leek onze jongste fotograaf ook wel iets. Kort voor vertrek werd daarom een kleine onderwatercamera aangeschaft, waarmee hij heel wat vissoorten heeft kunnen vastleggen, zoals ook deze (Scarus guacamaia) een straalvinnige vissensoort uit de familie van de papegaaivissen. Deze familie behoort tot de kleurrijkste en meest nuttige bewoners van de koraalriffen rondom Aruba. Ze eten algen van het koraal, waardoor het koraal gezond blijft en niet verstikt. Het zijn bovendien echte ”zandmakers”. Ze vermalen namelijk dood koraal met hun tanden en scheiden dit uit als fijn wit zand. Eén papegaaivis produceert op die manier honderden kilo's zand per jaar. Papegaaivissen vallen op door hun felle kleuren (blauw, groen, geel, oranje) en een snavelachtige bek. De beestjes werden gefotografeerd bij Baby Beach. De soort staat op de Rode Lijst van de IUCN als gevoelig,
We hebben op Caribische bodem ook gezocht naar vlinders en libellen. Dat viel – wellicht door de tijd van het jaar – wat tegen. In eerdere jaren waren deze aanmerkelijk talrijker aanwezig.  Wel vlogen er uit de familie Lycaenidae vrij veel zeer kleine pages en blauwtjes rond, die vrijwel niet op de gevoelige plaat konden worden vastgelegd. Wel echter deze afgevaardigde uit de familie van de spiegeldikkopjes, te weten (Heliopyrgus domicella). De Engelse naam hiervan is Erichson's White-Skipper. De vleugels van deze soort zijn overwegend wit met donkere (zwart/ bruine) randen en patronen, kenmerkend voor het lichte uiterlijk van deze groep. De soort komt naast Caribisch Nederland (althans op de A, B en C eilanden) voornamelijk voor in Noord-, Midden- en Zuid-Amerika. De opname is gemaakt bij Fontein.
Foto
Papegaaivis (Scarus guacamaia) 13-08-2026 Baby Beach Aruba foto Jaimey Wilbers
Foto
Rode lepelaars 12-08-2026 Bubali Aruba foto Wim Wijering
Alle keren hiervoor dat samensteller dezes op Aruba verbleef, heb ik nimmer de Rode Lepelaar (Platalea ajaja) mogen ontmoeten. Dat is niet zo vreemd, want het is een zeldzame en bijzondere verschijning op het eiland. Bij de lokale bevolking staat deze soort bekend als Chucharon Cora. In augustus hebben we ze eindelijk mogen ontmoeten. Aan de hand van allerlei verhalen die de ronde deden, waren her er zeker acht. Zelf heb ik er niet meer dan twee gezien en kunnen fotograferen. Mensen met weinig kennis van vogels dachten dat ze - vanwege het roze/ rode verenkleed van de vogels - flamingo’s hadden gezien. Op een door regen ontstane plas, net buiten Bubali, lieten deze twee exemplaren zich mooi vereeuwigen. 
In het Nationaal Park Arikok kon deze Muskietkolibrie (Chrysolampis mosquitus) worden gefotografeerd. De lokale Arubaanse naam voor deze superkleine kolibriesoort is Dornasol. De uit het Papiamento voortkomende naam is prachtig gekozen. Vrij vertaald betekent Dornasol namelijk "dat wat de zon versiert". Het beestje is één van de meest iconische en doorgaans kleurrijkste vogels van het eiland. Dat komt doordat de veren van het mannetje voortdurend veranderen als die van edelstenen. Ze veranderen namelijk onder invloed van de zon regelmatig van kleur. Helaas zat dat speciale licht op die vroege ochtend helaas niet helemaal mee. Als dat wel zo was geweest dan had dit mannetje een felrode kruin en een glanzende, goudgele tot oranje keel met een oranjerode staart gehad. Vanwege de mindere lichtval lijkt dit beestje nu meer zwartbruin met rode staartveren. Tijdens de vakantie zoefden ze geregeld met grote snelheid langs ons heen om even later als een helikopter stil in de lucht te blijven hangen om nectar uit bloemen te zuigen. Veel meer foto’s van Aruba kunt u vinden in de rubriek Recente foto’s, elders op onze site. 
Foto
Muskietkolibrie ~ man ~ 21-08-2026 Nationaal Park Arikok Aruba foto Wim Wijering
Foto
Kolibrievlinder 08-08-2026 Wilgenkamp Losser foto Leo Wijering
Nu voor de overige natuurkalenderfoto’s nog even terug naar Nederlandse bodem. Hoe kan dat beter dan met de in onze eigen omgeving rondfladderende Kolibrievlinder (Macroglossum stellatarum). Het is al lang geen zeldzaamheid meer, maar toch wordt bijna iedereen enthousiast bij het zien van deze dagactieve nachtvlinder. Het is hoe dan ook een bijzondere soort. Je ziet ze vrijwel altijd vliegend en ze lijken qua gedrag en met wat fantasie qua grootte ook daadwerkelijk op een kolibrie. Met zijn snelle vleugelslag staat deze vliegkunstenaar ook als het ware “stil” in de lucht, terwijl hij met zijn lange roltong de nectar uit bloemen zuigt. Zo ineens zijn ze erom even later weer te zijn verdwenen. De kolibrievlinder is een echte trekvlinder, die jaarlijks in het voorjaar vanuit het zuiden van Europa naar ons land toe komt en zich hier voortplant. De nakomelingen vliegen vooral in augustus. Dit zou er zo maar een kunnen zijn.
De Kleine Vuurvlinder(Lycaena phlaeas) is in tegenstelling tot de vorige soort wel een dagvlinder. Het is een soort, die we tot in oktober en soms zelfs tot in november kunnen tegenkomen. Bij deze relatief kleine vlinder overheersen de kleuren oranje, zwart en bruin. De waardplant van de rups is schapenzuring en soms ook veldzuring. De soort heeft een enorm verspreidingsgebied. Bij ons is het in ieder geval een algemene standvlinder, die in het gehele land kan worden waargenomen. De kleine vuurvlinder vliegt in de regel van april tot oktober; doorgaans in 2 generaties.  Wanneer het erg warm is, kan er ook nog een derde generatie vliegen vanaf eind augustus tot begin november. Het moet gezegd dat dit een mooie opname is, zo’n fraai beestje midden in een zonnebloem!
Foto
Kleine vuurvlinder ~ op zonnebloem ~ 26-08-2026 Stempelsdijk Saasveld foto Marcel Grunder
Foto
Zwarte heidelibel ~ man ~ 02-08-2026 Engbertsdijksvenen foto Rob Zonder
Sommigen natuurfotografen binnen onze gelederen hebben een zwak voor de Engbertsdijksvenen. Niet geheel ten onrechte, want er is vaak van alles te zien In dit unieke natuurhoogveengebied. Dit stille, uitgestrekte veenlandschap heeft een aantrekkingskracht op bijzondere planten en dieren. Afgebeeld ziet u hier het mannetje van de Zwarte Heidelibel (Sympetrum danae). Het uitsluipen van deze libellensoort gebeurt vooral in juli en augustus. Het is een kleine soort, die altijd herkenbaar is aan de zwarte band op de zijkanten van het borststuk met daarin drie kleine goudgele vlekjes. Dat is op de foto goed te zien, evenals de zwarte poten. De hoeveelheid zwart op de rest van het lichaam is afhankelijk van geslacht en leeftijd. Hier hebben we te maken met een relatief jong mannetje. Oude mannetjes worden soms geheel zwart. De soort was ooit talrijk. Overal op de zandgronden kon je ze destijds vinden. Nu is het helaas een zeldzaamheid aan het worden.
In hetzelfde gebied werd door dezelfde fotograaf ook deze Stekelsluipvlieg (Tachina grossa) gevonden en gefotografeerd. Met een lichaamslengte van 15 tot 19 mm is dit één van de grootste vliegensoorten van West-Europa. Hij is bijna net zo groot als een dikke hommel. Hij valt meteen op door zijn grote zwarte stekelige uiterlijk met gele kop en “uitpuilende” ogen, evenals de oranje vleugelbasis. De soort is te zien vanaf juli tot in augustus. Het leefgebied bestaat uit droge, open weilanden, veengebieden en heidevelden. In ons land komt meestal maar één generatie per jaar voor. Als voedsel voor zijn larven dienen harige rupsen die veel voorkomen in heideterreinen en oude bossen. Hij is o.a. parasitair op de rups van de veelvraat (Macrothylacia rubi). Als de larven uitkomen, vreten die de rups van binnen op. Erg vaak zal je ‘m niet tegenkomen, want erg talrijk zijn ze niet.
Foto
Stekelsluipvlieg 02-08-2026 Engbertsdijksvenen foto Rob Zonder
Foto
Klokjesgentiaan ~ met kleurafwijking ~ 02-08-2026 Kolkersveld Overdinkel foto Leo Wijering
In het Kolkersveld onder de rook van Overdinkel trof één van onze natuurfotografen in de kalendermaand een aantal bloeiende Klokjesgentianen (Gentiana pneumonanthe) aan. De bloeitijd van dit fraaie bloempje loopt van juli tot en met september. Deze bedreigde plantensoort is van groot belang voor het voortbestaan van het gentiaanblauwtje (Maculinea alcon); een vlinder die uitsluitend op deze waardplant haar eitjes afzet. De bloemen hebben doorgaans een diepe, paarsblauwe kleur en zijn te vinden in vochtige heidegebieden. Net als bij vogels komen er bij deze soort soms zeldzame kleurafwijkingen voor, zoals te zien aan het rechterbloempje op de foto met z’n bleke of lichtblauwe bloem. Dit kan te maken hebben met de genen van de plant, maar ook met de omstandigheden, waarin hij groeit. Dat kan de hoeveelheid zonlicht zijn, maar ook de zuurgraad van de bodem
Eén der onzen bezit een fotografiehut in de omgeving van Lochem. Dat lijkt allemaal heel mooi en is het ook, maar zo’n hut en directe omgeving vergen wel het nodige onderhoud. Halverwege de kalendermaand was hij hier ook mee bezig en besloot aan het eind nog even uit te puffen en nog een uurtje van de “kiekkast” gebruik te maken. Het “gouden uurtje” was intussen aangebroken. En uitgerekend tijdens het fijne avondzonnetje verscheen bijgaande dame ten tonele. Nog net met voldoende licht kon deze Reegeit (Capreolus capreolus) op de gevoelige plaat worden vastgelegd. Je ziet meteen hoe schichtig ze zijn. Dat is natuurlijk niet vreemd want de afstand tussen mans en dier bedroeg op dat moment slechts enkele meters. Dat was natuurlijk wel even kicken.
Afbeelding
Reegeit 14-08-2026 omgeving Lochem foto Fons Wijering
Afbeelding
Herder met kudde schapen 20-08-2026 Beuningerveld foto Leo Wijering
Altijd wordt bij het toesturen van de natuurfoto’s gekeken en beoordeeld met welke foto we de kalendermaand gaan afsluiten. Dat was voor deze augustusmaand niet zo moeilijk, want dit plaatje van een herder met een schaapskudde in het Beuningerveld zegt genoeg over stilte, natuur en behoud van natuurwaarden. Het hoeden van schapen was van oorsprong een rendabele manier om van onbruikbare woeste gronden te profiteren. De kuddes verbleven 's nachts in een als potstal ingerichte schaapskooi. Zo verzamelde men kostbare mest die na verloop van tijd werd verspreid over de esgronden. De tegenwoordige schaapskuddes worden tegenwoordig nog uitsluitend ingezet voor het behoud van natuur- en landschapswaarden. 
Samenstelling: Wim Wijering           E-mail: [email protected]
​

De foto’s zijn dit keer gemaakt door: Leo, Fons en Wim Wijering, Jaimey Wilbers, Rob Zonder, Marcel Grunder en Hennie Gunnink.
We hebben deze maand nog heel veel meer natuurfoto’s gemaakt, Die zijn te zien in een andere fotorubriek; evenwel zonder toelichting. Klik op “Hier” of surf eenvoudigweg naar de rubriek “Recente Foto’s” om nog veel meer mooie foto’s te bekijken. 
Copyright © 2014 Natuur en Vogelwerkgroep "De Grutto" | Sitemap | Colofon | ​Contact​